projectontwikkelaars zijn misverstanden beu In een brief aan de parlementaire enquêtecommissie Bouwnijverheid doet de Neprom, de vereniging van grote professionele projectontwikkelaars, uit de doeken wat de werkelijke toedracht is geweest bij de grondverwerving op VINEX-locaties. De Neprom reageert hiermee op de laatste publieke verhoren van de enquêtecommissie waar gesproken werd over mogelijke samenspanning van projectontwikkelaars op de grote nieuwbouwlocaties. Mede op basis van een onderzoek van de NMa concludeert de Neprom dat van kartelvorming of samenspanning op VINEX-locaties geen sprake is. De grondposities op VINEX-locaties die ontwikkelaars nu hebben zijn bovendien indertijd op verzoek van de overheid ingenomen. Met de brief aan de parlementaire enquêtecommissie wil de Neprom een eind maken aan de voortdurende onjuiste weergave van de gang van zaken omtrent de verwerving van grondposities door projectontwikkelaars op VINEX-locaties. De Neprom wijst er in haar brief op dat nog geen twee jaar geleden door een werkgroep van de Tweede Kamer een onderzoek naar VINEX is afgerond. Uit dat onderzoek bleek klip en klaar dat de VINEX-grondaankopen binnen het toenmalige rijksbeleid pasten. Projectontwikkelaars waren zelfs in eerste instantie absoluut niet genegen om grond op VINEX locaties te verwerven. Pas na een aantal voorlichtingsbijeenkomsten van het Ministerie van VROM en na een oproep van een toenmalige directeur van het ministerie besloten marktpartijen in de VINEX-gronden te investeren. Dit proces kwam in een stroomversnelling toen bleek dat gemeenten in verband met de hoge risico's zelf aarzelden met grondverwerving. Professionele projectontwikkelaars zijn toen vaak op verzoek van de gemeenten op grote schaal gronden gaan verwerven. Het is volgens Neprom-voorzitter ir. C.E.C. de Reus dan ook niet correct dat de VINEX-geschiedenis aangegrepen wordt om te pleiten voor meer macht voor gemeenten, zoals VNG-voorzitter Deetman dat bijvoorbeeld in zijn verhoor deed. Naast het feit dat grondaankopen op verzoek van de overheid plaatsvonden, wijst de Neprom er in de brief op dat er geen reden is om te twijfelen aan de marktwerking op VINEX-locaties. Zij baseert zich hierop op een onderzoek van de NMa. “De door u vermoede beheersing van de woningmarkt door samenwerkende projectontwikkelaars en/of bouwondernemingen lijkt, gelet op de geschetste omvang van de woningmarkt, niet aannemelijk”, aldus de NMa. De mededingingsautoriteit wees er daarbij op dat de prijsstijging bij nieuwbouwwoningen in de onderzoeksperiode juist gematigder was dan in de bestaande voorraad. Ook in het Interdepartementaal Beleidsonderzoek Grondbeleid dat als basis diende voor de vorig jaar verschenen Nota Grondbeleid werd geconcludeerd dat van machtsposities en marktmisbruik geen sprake was. Op basis van deze onderzoeken hoopt De Reus dat er nu eens een einde komt aan alle beschuldigingen van machtsmisbruik en kartelvorming op VINEX-locaties. Brief VINEX
|