Volgens voorzitter Hoefsloot van de Vereniging van Nederlandse Projektontwikkeling Maatschappijen (Neprom) is het jaar 2000 wat betreft het beleid van minister Pronk en staatssecretaris Remkes het jaar van de gemiste kansen geweest. Hoefsloot was gedurende de afgelopen twee jaar voorzitter van de Neprom en vanuit die functie heeft hij de totstandkoming van de Nota Wonen, de Vijfde Nota Ruimtelijke Ordening en de Nota Grondbeleid van nabij meegemaakt. Tijdens zijn afscheidsrede sprak hij zijn ergernis uit over het Paarse beleid op het terrein van de ruimtelijke ordening en het wonen. Volgens Hoefsloot ontbreekt het de Vijfde Nota Ruimtelijke Ordening aan een heldere ruimtelijke visie en zijn fundamentele keuzen opnieuw uit de weg gegaan. Hij betreurt het dat het afgelopen jaar niet is benut voor een fundamenteel debat over de vraag hoe we Nederland vorm willen geven. Een wezenlijke discussie over de vraag hoeveel ruimte we voor de (intensieve) landbouw willen reserveren en hoeveel ruimte de burger in de toekomst voor het wonen krijgt, is noch in het Kabinet noch in de Tweede Kamer gevoerd. Volgens Hoefsloot ontbreekt het daardoor in de Nota aan strategische conclusies en ondermijnt het kabinet met de Vijfde Nota de wettelijk vastgelegde procedures om tot een goede inrichting van het land te komen. Wat betreft de Nota Wonen is Hoefsloot van mening dat de verkeerde keuzen worden gemaakt en dat de ontwrichting van de woningmarkt door het nieuwe beleid te weinig wordt tegengegaan. Het grootste probleem van de woningmarkt is volgens de scheidende voorzitter dat er een enorme mismatch is ontstaan tussen de huidige woningvoorraad, die voor een belangrijk deel bestaat uit relatief kleine, minder goede woningen, en de vraag van de consument naar ruimere woningen met een hoger kwaliteitsniveau. Alleen door aan die vraag tegemoet te komen en dus ruimere, luxe woningen te bouwen, kan de doorstroming op de woningmarkt worden bevorderd. Daardoor kan er evenwicht op de woningmarkt ontstaan en er een einde komen aan de sterke prijsstijgingen. De Nota brengt geen wezenlijke veranderingen in de gedetailleerde bemoeienis van gemeenten bij de woningbouw, waardoor projectontwikkelaars veel te weinig vrijheid krijgen om voor de echte woningbehoefte te bouwen. Ook heeft Hoefsloot geen goed woord over voor het dogma van het kabinet dat minimaal 30% van alle woningen op vrije kavels gebouwd moeten worden. Hoefsloot verwijt het kabinet en de Tweede Kamer dat zij niet willen luisteren naar argumenten uit de sector. Tenslotte veroordeelt Hoefsloot de wijze waarop in de Nota Grondbeleid met de voorstellen voor een grondexploitatievergunning van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en de Neprom is omgegaan. Het voorstel kan op brede maatschappelijke steun rekenen, waaronder die van de SER, de VROM-Raad en van diverse milieugroeperingen. Volgens Hoefsloot heeft het kabinet een heilloze weg ingeslagen die uiteindelijk dood zal lopen bij de Raad van State of de Tweede Kamer, terwijl een praktische oplossing onder handbereik lag. De scheidende voorzitter doet een klemmend beroep op de Tweede Kamer om op dit punt advies te vragen van een onafhankelijke commissie van deskundigen, teneinde jaren tijdverlies te voorkomen. |