Reactie op de nota Grondbeleid Samenvatting AVBB, Neprom en VNO-NCW ondersteunen de drie doelen van de Nota Grondbeleid. Om die drie doelen te realiseren moet -waar mogelijk- worden uitgegaan van faciliterend grondbeleid. Actief grondbeleid kan leiden tot onnodige en oneigenlijke concurrentie en staat bovendien meer consumentgericht bouwen in de weg. Om te voorkomen dat gemeenten actief grondbeleid toepassen in situaties waar dit niet nodig is, bepleiten de drie organisaties meer concrete maatregelen van het kabinet. De faciliterende rol van gemeenten bij het grondbeleid staat niet ter discussie, sterker nog zij moet volgens de drie organisaties worden versterkt. AVBB, Neprom en VNO-NCW vragen zich echter af of de nu gekozen zogenaamde brede exploitatievergunning hiervoor het juiste middel is. De vergunning wordt nu verplicht gesteld bij iedere grondexploitatie, terwijl hij juist bedoeld moet zijn voor die 5% van de gevallen waarbij geen vrijwillige overeenkomst over de bij te dragen kosten kan worden bereikt. In 95% van de gevallen leidt de nieuwe vergunning dus tot onnodige administratieve lasten. De brede vergunning biedt daarbij weinig extra regiemogelijkheden ten opzichte van de smalle vergunning en heeft een grote kans van vertragingen in zich. De drie organisaties bepleiten dan ook dat op korte termijn de smalle exploitatievergunning wordt ingevoerd. Bij de versterking van de gemeentelijke regierol hoort geen versnelde reparatie van de Wvg. In de recente uitspraak van de Hoge Raad wordt terecht aangegeven dat de gemeentelijke regierol centraal staat en dat marktpartijen zich aan deze regie moeten conformeren. De regiemogelijkheden van gemeenten zijn hierdoor versterkt en worden met de nieuwe voorgestelde maatregelen, zoals bijvoorbeeld de regeling voor het kostenverhaal, groter. Eventuele tekortkomingen in de gemeentelijke regierol - als het gaat om bijvoorbeeld een percentage sociale woningbouw, of de kwaliteit van een plan - kunnen in de WRO opgelost worden. Loskoppeling van het bouwrecht van het eigendomsrecht en de openruimteheffing worden door de drie organisaties afgewezen. AVBB, Neprom en VNO-NCW verwachten met betrekking tot de loskoppeling grote juridische problemen en zijn van mening dat met deze maatregel het eigendomsrecht en daarmee de rechtszekerheid van zowel particulieren als bouwers onnodig wordt aangetast. Ook van een openruimteheffing worden negatieve gevolgen verwacht. Omdat de vraag naar woningen weinig elastisch is, zal de heffing tot hogere prijzen voor consumenten leiden, terwijl de investeringsbeslissing er niet door wordt beïnvloed. Bovendien kan zo'n heffing juist gewenste ruimtelijke ontwikkeling onbedoeld afremmen. AVBB, Neprom en VNO-NCW verwachten met betrekking tot de gemeentelijke regierol wel wat van de Onteigeningswet en van de herziening van de Wet Ruimtelijke Ordening (WRO). Bij de Onteigeningswet moet prioriteit worden gegeven aan de stroomlijning van de juridische procedures, zonder dat dit verlies van rechtszekerheid voor de grondeigenaar betekent. Binnen de nieuwe WRO moet een oplossing worden gezocht voor zaken die de gemeente met haar huidige regie-instrumentarium onvoldoende kan regelen. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om het percentage sociale woningbouw in een buurt. Reactie grondbeleid
|