Nieuws
20 februari 2013
Toepassing Crisis- en herstelwet snel geregeld
Op 19 februari jl. vond een regiobijeenkomst over de Crisis-en herstelwet plaats in Eindhoven. De wet is ongeveer drie jaar geleden in werking getreden. Tijd om de balans op te maken!
Op 19 februari jl. vond een regiobijeenkomst over de Crisis-en herstelwet plaats in Eindhoven. De wet is ongeveer drie jaar geleden in werking getreden. Tijd om de balans op te maken!

Experts en ervaringsdeskundigen vertelden over hoe de Crisis- en herstelwet vereenvoudigt, versnelt en ruimte biedt. Er was daarnaast veel gelegenheid tot het stellen van vragen en het delen van aandachtspunten. Naast de bestuursrechtelijke versnellingen, kwamen met name de in de wet opgenomen bijzondere voorzieningen aan bod. Dat zijn ontwikkelingsgebieden, lokale en (boven)regionale projecten van nationale betekenis, innovatieprojecten en het projectuitvoeringsbesluit.

Deze instrumenten uit de Crisis- en herstelwet beschikken over elementen die bruikbaar zijn bij grote en kleine projecten. Voor zowel de ontwikkelingsgebieden als lokale en (boven)regionale projecten van nationale betekenis  geldt bijvoorbeeld, dat door toepassing van de Crisis- en herstelwet aan de voorkant commitment verkregen wordt en een zinvolle dialoog tot stand komt tussen betrokkenen. Ruimere keuzemogelijkheden leiden zo tijdig tot een waardevol gesprek over alternatieven. In de gemeente Maasdonk bijvoorbeeld heeft dit (tot tevredenheid van alle partijen) een (langdurige) onteigeningsprocedure kunnen voorkomen.

In de beginfase van een project kan zo, met behulp van de Crisis- en herstelwet, een positieve denkwijze ontstaan waardoor bijvoorbeeld bij innovatieve experimenten beperkende regels zich niet hoeven op te stapelen. In Eindhoven (Strijp-S) kunnen zo bestaande (monumentale) panden gedurende de uitvoering van de gebiedsontwikkeling verhuurd worden, waardoor de leefomgeving aantrekkelijk blijft en een belangrijke stroom van inkomsten gegenereerd wordt.

Als het om de versnelde uitvoering van (bouw)projecten op grond van een projectuitvoeringsbesluit gaat, betekent dit voor gemeenten dat zij hun organisatie hier op in moeten richten. Alle noodzakelijke toestemmingen worden dan namelijk in één besluit gebundeld en dat vergt een specifieke benadering. Uit voorbeelden (bijvoorbeeld in de gemeente Wassenaar) blijkt wel dat als men eenmaal in deze benadering thuis raakt, de positieve ervaring er toe kan leiden dat men het instrument opnieuw inzet, ook in andere projecten.

Ontwikkelingsgebieden, innovatieve experimenten en lokale en (boven)regionale projecten van nationale betekenis dienen aangemeld te worden bij het Ministerie. Gespreksleider Friso de Zeeuw (van de TU Delft en het Bouwfonds) benadrukte dat het Ministerie zich laagdrempelig en meedenkend opstelt bij het opvragen van informatie over het aanmelden van projecten. “De toepassing van de Crisis- en herstelwet is snel geregeld”, aldus de Zeeuw. Tot 31 maart a.s. kunnen projecten aangemeld worden. Dat kan via postbus.CHW@minienm.nl, of telefonisch bij Monique Arnolds (070-4561257) of Fenna Gutter (070-4561265).

Download de presentatie van Monique Arnolds