Nieuws
8 oktober 2015
Idioot in de Calamiteitenpolder
Zaterdagochtend ritueel. Korte broek, shirtje en hardloopschoenen, het bruggetje over, de Calamiteitenpolder in. Er liep een groepje voor me; ik herkende ze als bewoners van het begeleid wonen project.
Zaterdagochtend ritueel. Korte broek, shirtje en hardloopschoenen, het bruggetje over, de Calamiteitenpolder in. Er liep een groepje voor me; ik herkende ze als bewoners van het begeleid wonen project voor verstandelijk gehandicapten hier in de buurt.

Voorop 3 rolstoelen met jonge begeleidsters, daar tussen en achter een stuk of vijf moeilijk lopende jongeren. Gaat het, vroeg een van de begeleidsters aan de achterste, donkere jongen. Jaar of 16, mond half open en een vertrokken gezicht, moeizaam het flauw hellende bruggetje op lopend. Ik liep het groepje in wandelpas voorbij, wenste hen goede morgen en versnelde mijn pas weer. Nadat ik op het vlakke stuk aan de andere kant van de ringvaart was gekomen, sprongen de tranen bijna in m’n ogen. Moest automatisch aan mijn donkere dochter van zestien in de examenklas denken; blakend van gezondheid en sinds ze de sportschool dagelijks bezoekt vanwege de knappe jongens steeds beter geproportioneerd. Het leven is oneerlijk. Oude mannen zijn vaak sentimenteel. Het koste me veel moeite om mijn emoties de baas te blijven.

Ik draaide m’n rondje en vergat het groepje. Voor de laatste bocht moest ik denken aan mijn bespiegelingen toen ik hier  vorige week liep. Ik had met mijn mobiel een foto gemaakt van de fraaie windmolen aan de ringvaart met op de achtergrond het woud aan masten en de wirwar aan hoogspanningsleidingen, als demonstratie hoe mis het kan gaan met de landschappelijke kwaliteit aan de rand van Vinex-locaties. Dit naar aanleiding van de verzuchtingen van Adriaan Geuze in Zomergasten. Ik bedacht mij me dat ik eigenlijk twee foto’s moest maken. Eén met een telelens, met de molen op de voorgrond maar dreigend groot daarachter het 380 kV-koppelstation met masten en leidingen. En daar vlak achter ons lichtgele woonbuurtje, met daarbij een pijltje “daar woon ik”. En een foto met een groothoeklens van dezelfde plek, met de ringvaart en de windmolen idyllisch en overheersend op de voorgrond en in de verte het 380 kV stationnetje en heel ver in de verte een lichte stip, ons buurtje met een pijltje “daar woont mijn buurman”. Ruimtelijk kwaliteit is perceptie!

Terwijl ik dat zo bedacht, ergerde ik mij aan de auto’s op de A4, die luidruchtig langs raasden; de wind stond deze keer ongunstig. Kortom, erg gelukkig voelde ik me niet. Voorbij de molen gekomen zag ik dat het groepje dat ik eerder had ingehaald zich bij de picknicktafel had gestationeerd. Die staat in de hoek van de Calamiteitenpolder, tussen molen en koppelstation. Daar zaten ze, met op de tafel drinkbekertjes, bakjes en plastic zakjes. Gezellig te eten en te kletsen, althans dat laatste deden de drie begeleidsters. Met op de achtergrond de herrie van de auto’s op de snelweg en het koppelstation. “Idioot in de calamiteitenpolder, dubbelblind” dacht ik.

Tags