Nieuws
25 februari 2016
Vijftig tinten groen: de weg naar verduurzaming in vastgoedprojecten
Volgens Bas van de Griendt, hoofddocent van de MCDO, leiden er meerdere wegen naar Rome als het gaat om verduurzaming.

Dit artikel verscheen op 17 februari op Gebiedsontwikkeling.nu

Voor opdrachtgevers van vastgoed- en gebiedsontwikkeling is duurzaamheid al lang geen wens meer maar een eis. De weg ernaar toe is echter wel een zoektocht en daarmee een grote uitdaging voor planologen, vastgoedontwikkelaars, bouwbedrijven, corporaties en gemeenten.

Geld is hierbij niet de grootste issue, stelt Lara Muller, mede-oprichter en directeur van Onimpact. Ze is in maart gastdocent tijdens de 2-daagse Mastercourse Duurzaam Ontwikkelen van NEPROM. “Het gaat er om dat we vastgoedbedrijven en andere betrokkenen laten zien dat ze onderdeel kunnen zijn van de oplossing in plaats van onderdeel van het probleem.” Volgens Bas van de Griendt van gebiedsontwikkelaar BPD, tevens hoofddocent tijdens deze mastercouse, leiden meerdere wegen naar Rome als het gaat om verduurzaming van gebouwen en gebieden. “Er is niet één oplossing. Er zijn vijftig tinten groen.”

Jurgen van Laarschot van corporatie Eigen Haard in Amsterdam volgde twee jaar geleden de Masterclass Duurzaam Ontwikkelen van NEPROM, de voorloper van de Mastercourse Duurzaam Ontwikkelen die op 10 en 31 maart zal plaatsvinden. De inspiratie die hij daar opdeed, wil hij nu zelf overdragen op nieuwe deelnemers. Van Laarschot laat op 31 maart op locatie Stadstuin Overtoom zien wat een andere aanpak kan opleveren. Eigen Haard koos bij de herontwikkeling van de naoorlogse wijk Overtoomse Veld in Amsterdam voor een nauwe samenwerking met bouwer ERA Contour, sloopbedrijf Oranje en architectenbureau KOW. De corporatie trad ook in overleg met toekomstige bewoners, nieuwkomers en blijvers. “We wilden weten waar we rekening mee moesten houden om de leefbaarheid in die wijk te bevorderen.”

Oude en nieuwe rollen
De opgave was 360 woningen afbreken, het sloopafval voor 98 procent recyclen en vervolgens 470 nieuwe woningen neerzetten. Wat de corporatie voor ogen had was een klimaat-neutrale wijk. “De ambitie was een hoge duurzaamheid, maar wel binnen hetzelfde budgettaire kader.” Om dat voor elkaar te krijgen, is het volgens Van Laarschot van belang om op een andere manier samen te werken binnen de keten. Dit vraagt om een andere houding. Het kan een valkuil zijn om in zo’n gezamenlijk proces in oude rollen te schieten, zodat partijen toch weer uitkomen bij een traditionele manier van samenwerken. Terwijl de nieuwe vorm veel kan opleveren. Van Laarschot noemt in dit kader eventuele faalkosten die bij een project de kosten omhoog kunnen duwen. Door de samenwerking tussen partijen te optimaliseren, zijn die faalkosten er niet of nauwelijks en is er extra geld beschikbaar om de ambitie – verduurzaming van de wijk – te bekostigen. Het geld dat daarmee wordt uitgespaard kan worden ingezet om de ambitie verduurzaming waar te maken. “Het begint met onderling vertrouwen.”

Kansen leren zien
Het project in Amsterdam-West werd een succes en is genomineerd voor de NEPROM-prijs voor locatieontwikkeling 2015. Wat hij wil overdragen op 11 maart? Het gaat volgens Van Laarschot om het leren zien van kansen. “De deelnemers moeten het idee krijgen dat iedereen een bijdrage kan leveren aan de verduurzaming.” Lara Muller, die op de eerste dag van de mastercourse in gesprek gaat met de deelnemers over eisen aan duurzaamheid in de gebouwde omgeving, heeft als drijfveer dat ze mensen uit het bedrijfsleven en beleggers wil laten zien dat een andere manier van opereren kansen biedt om ondernemingen en de economie als geheel toekomstbestendig te maken. In de vastgoedsector zijn al behoorlijke stappen gemaakt. Voorloper in de sector is de retail, volgens Lara Muller. “We hebben al een enorme beweging gezien in de vastgoedsector. Dat heeft te maken met energie, milieu, CO2, circulaire gebouwen. Ik denk dat we nu toe zijn aan de volgende golf waarbij ook nadrukkelijk aandacht is voor onderwerpen als welzijn en gezondheid; wat weer gelieerd is aan productiviteit, aan werknemerstevredenheid en de relatie tussen mens en gebouw.”

Lara Muller, van huis uit filosoof, wil de deelnemers van de mastercourse concrete handvatten bieden voor de manier waarop ze te werk kunnen gaan. Er ligt een gigantische opgave voor de sector, ook als het gaat om renovatie en transformatie. “De crisis in de vastgoedsector is zo goed als voorbij. Nu is het moment aangebroken om niet meer terug te kijken maar vooruit.” Het is volgens Lara Muller een misvatting dat er niet voldoende geld voorhanden is om stappen te maken als het gaat om verduurzaming en het ontwikkelen van toekomstbestendige gebouwen. “ Ik denk dat we in staat zijn om vastgoedbedrijven - en bedrijven in de offshore en energie - te laten zien dat ze onderdeel kunnen zijn van de oplossing in plaats van onderdeel van het probleem. Dan hebben we al een heel stuk van de oplossing in handen.”

De Mastercourse Duurzaam Ontwikkelen (MCDO) brengt de theorie en praktijk bij elkaar. Bekijk hier het volledige programma.