NEPROM is blij met het geld dat het kabinet de komende jaren uittrekt voor de woningbouwopgave. Het verbeteren van de investeringskracht van woningbouwcorporaties en andere investeerders is hard nodig om projecten vlot te trekken en de woningbouwproductie te verhogen. Tegelijkertijd is duidelijk dat daarmee niet alle problemen zijn opgelost. De ambitie om jaarlijks 100.000 woningen te bouwen blijft groot en vraagt om meer dan alleen extra geld.
Volgens NEPROM is het belangrijk dat het kabinet woningbouw hoog op de agenda zet. Veel woningbouwprojecten lopen nu vast op hoge kosten, lange procedures, netcongestie, lokale regelgeving bovenop landelijke bouw- en betaalbaarheidseisen en een gebrek aan voldoende infrastructuur en voorzieningen.
Ronald Huikeshoven, voorzitter NEPROM:
“Het is positief dat het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening nu ook zelf over de middelen beschikt om de investeringskracht van de sector te verbeteren. Dat is nodig en helpt om projecten haalbaar te maken en sneller te realiseren. Maar we moeten niet de indruk wekken dat we er daarmee zijn. Uiteindelijk telt maar één ding: dat er daadwerkelijk meer woningen worden gebouwd, in alle prijssegmenten.”
Investeringskracht hele keten noodzakelijk
NEPROM wijst erop dat vooral woningbouwprojecten met veel betaalbare woningen financieel lastig rond te rekenen zijn. Extra bijdragen van het Rijk kunnen helpen om die projecten alsnog van de grond te krijgen. Daar staat tegenover dat ook private partijen voldoende ruimte en vertrouwen moeten hebben om te blijven investeren.
“De woningbouwopgave kunnen overheid, markt en corporaties alleen samen oplossen,” zegt Huikeshoven. “Daarvoor is stabiel en langjarig beleid nodig. Ontwikkelaars en investeerders moeten weten waar ze de komende jaren aan toe zijn. Als regels steeds veranderen of projecten jarenlang in procedures blijven hangen, komt de bouw niet op gang.”
Regie op de uitvoering
Naast financiering blijft NEPROM benadrukken dat vooral de uitvoering een aandachtspunt blijft. Vergunningverlening moet sneller, het elektriciteitsnet moet voldoende capaciteit bieden en nieuwe woongebieden moeten goed bereikbaar zijn. Ook moet er voldoende capaciteit zijn bij gemeenten en andere overheden om plannen daadwerkelijk uit te voeren. Hier biedt digitalisering een enorme kans, maar het lijkt alsof dit nog in de kinderschoenen staat bij veel gemeenten.
NEPROM ziet de aangekondigde investeringen daarom als een belangrijke stap, maar zeker niet als eindpunt.
Huikeshoven:
“De koers van het kabinet is goed. Nu is het zaak om ervoor te zorgen dat het geld ook echt leidt tot plannen die daadwerkelijk gerealiseerd worden. Als we tegelijk investeren in snellere procedures, voldoende infrastructuur en een aantrekkelijk investeringsklimaat, kunnen we de woningbouwproductie serieus verhogen. Pas dan komt de doelstelling van 100.000 woningen per jaar binnen bereik.”
NEPROM roept het kabinet en de Tweede Kamer op om de komende jaren vast te houden aan een duidelijke en voorspelbare koers voor de woningbouw. Alleen met langdurige samenwerking tussen Rijk, gemeenten, corporaties, ontwikkelaars, bouwers en investeerders kan de woningbouwproductie structureel omhoog.