Nieuws
14 maart 2019
Negen jaar Crisis- en herstelwet: de (dis)balans
De Crisis- en herstelwet is jarig eind deze maand. Tijd voor een korte reflectie vanuit het perspectief van de projectontwikkelaar. Lees het artikel van Nicolette Zandvliet (senior jurist NEPROM).

Dit artikel van Nicolette Zandvliet verscheen op 11 maart in Vastgoedjournaal.

De Crisis- en herstelwet is jarig eind deze maand. Tijd voor een korte reflectie vanuit het perspectief van de projectontwikkelaar. De Crisis- en herstelwet is in potentie mooi juridisch speelgoed. Onderdelen kunnen volgens Nicolette Zandvliet, senior jurist NEPROM, echter losraken wat kan leiden tot verstikkingsgevaar bij de woningbouwproductie. 

Ik heb het dan alleen over het onderdeel van de wet dat de Minister de bevoegdheid geeft experimenten aan te wijzen. Daarbij kan afgeweken worden van in een lijstje genoemde wetten. We hebben het over afwijkingen van wetgeving, die op deze manier de norm worden. Vanuit het oogpunt van rechtszekerheid verdient dat bespreking.

Zeker nu de Minister op grond van de nieuwe versie van de wet projecten eenvoudiger onder de werking van de Crisis- en herstelwet kan brengen. De mogelijkheid tot democratische controle wordt door deze wijziging minder.

Communicatie belangrijk
In een concreet project kunnen initiatiefnemers op grond van de Crisis- en herstelwet tegen heel specifieke en belangrijke afwijkingen aanlopen. De ervaring leert, dat die niet altijd goed gecommuniceerd worden door de betrokken gemeente of de Rijksoverheid.

Zo liepen initiatiefnemers in experimenten met kwaliteitsborging er met de vergunningaanvraag bij het loket tegenaan dat er sprake was van een heel ander systeem van borging en toezicht, dat plots om radicaal andere bedrijfsprocessen vraagt bij alle betrokkenen. U begrijpt dat een leerzaam en vaak moeizaam traject volgde.

Kostenverhaal
Ook zijn de afwijkingen niet altijd consistent. De kaders voor de experimenten over kostenverhaal zijn bijvoorbeeld anders dan het nieuwe en toekomstige systeem voor kostenverhaal onder de Omgevingswet.

Dat lijkt onbelangrijk maar dergelijke onzuiverheden doen geen recht aan het breed gedragen en recent aangescherpte doel van de Crisis- en herstelwet: vooruitlopen op de Omgevingswet. De focus dreigt hierdoor af te dwalen van het oorspronkelijke streven; de bevordering van woningbouw. De experimenten kunnen zelfs belemmerend werken.

Geen jungletocht
Intussen onderhandelen gemeenten en initiatiefnemers die betrokken zijn bij de aangewezen projecten over de contracten waarin zij afspraken maken over het kostenverhaal. Zij moeten hun weg zien te vinden in deze ingewikkelde en soms onoverzichtelijke materie. Het mag voor hen geen jungletocht worden.

Daarnaast is in een aantal experimenten sprake van aanscherping van kwaliteitseisen; specifiek op het gebied van duurzaamheid. De Minister heeft bepaalde gemeenten toestemming verleend zwaardere EPC-eisen te stellen. Een van die gemeenten is Amsterdam.

Meer realisme
Opgeteld bij andere punten die daar en in andere gemeenten hoog op de politieke agenda staan, zwaar gereguleerde middeldure huur bijvoorbeeld, komen de grenzen van het mogelijke in beeld. Projecten worden onhaalbaar. Woningzoekenden worden daar de dupe van. Projectontwikkelaars vragen daarom om een integrale aanpak voor de lange termijn en meer realisme.