Nieuws
23 februari 2012
Allemaal slopen
Vanochtend, bij het vertrek naar school, vroeg mijn dochter of ik vanavond thuis zou zijn. Ze is nogal een gezelligheidsdier.

Vanochtend, bij het vertrek naar school, vroeg mijn dochter of ik vanavond thuis zou zijn. Ze is nogal een gezelligheidsdier. Ik meldde dat ik er wel zou zijn, maar dat het wat later kon worden.

“We gaan van één uur tot zeven uur vanavond vergaderen over lege kantoren. En het zal wel later worden.”

“Oh, nou doei.”

“Ja maar Saghar, het is echt een belangrijk onderwerp hoor. Er staan heel veel kantoren leeg. Wat moeten we daar nou mee doen?”

“Nou gewoon, dan ga je er toch in wonen.”

“Ja, wil jij dat? Wil jij net zo wonen als jouw neef Fabian, in zo’n kantoor midden tussen de andere lege kantoren? Zonder andere huizen, scholen en winkels?”

Dat laatste was overtuigend.

“Duh.”

“Nou dan. Wat moeten we dan doen?”

“Nou, dan sloop je ze toch allemaal en dan bouw je in plaats daarvan toch huizen en winkels.”

Mijn duimen gingen omhoog. “En wie moet dat dan betalen?”

“Nou alle bedrijven die dat willen, samen.”

“Ok! Nou daar vergaderen we al meer dan een jaar over.”

Nog één kus, voor dat ze ging.