Nieuws
17 januari 2017
'Beloon professionele opdrachtgever die kwaliteit levert'
Biedt nieuw regeerakkoord ruimte voor de burger als woonproducent?' Jan Fokkema denkt dat hier juist een taak voor de ontwikkelsector ligt.

Deze column van Jan Fokkema (directeur NEPROM) verscheen op 16 januari in Cobouw

'Biedt nieuw regeerakkoord ruimte voor de burger als woonproducent?' vraagt Adri Duivesteijn zich af in Cobouw. Jan Fokkema, directeur NEPROM, denkt dat hier juist een taak voor de ontwikkelsector ligt.

Ik vraag me af of wonen überhaupt een plekje in het nieuwe regeerakkoord krijgt. Ik hoop van wel, maar ik denk niet dat ‘de burger als woonproducent’ daarbij de grootste uitdaging is.

De NEPROM doet in elk geval haar best om het wonen prominent op de politieke agenda te krijgen. Wij bepleiten meer ruimte voor het wonen, zowel binnen de steden als ook in nieuwe buitenwijken. En wij vragen een breed gedragen, ruimtelijk ontwikkelingsbeeld van Nederland, met een visie op de energietransitie, de snelle ontwikkelingen in mobiliteit en de trek naar stedelijk gebied, als basis voor een nationale verstedelijkingspolitiek. Daarvoor gaven we in ‘Ruimte maken voor het Nationaal Geluk’ een voorzet.

Bewoner als sluitpost
Maar Duivesteijn heeft een punt dat het risico bestaat dat bij een oplopend woningtekort de bewoner opnieuw sluitpost van nieuwe ontwikkelingen wordt. Particulier opdrachtgeverschap kan een antidotum zijn tegen deze kwaal, maar het is zeker geen panacee.

Sterker, heel veel duurzame woonkwaliteit komt juist tot stand door betrokken professionele opdrachtgevers. Maar essentieel is dat professionals gedreven worden door de kwaliteit zoals die beleefd wordt door de bewoners en door de gebruikers van onze steden en dorpen. In tenders waar de hoogste bieder wint en in situaties waarin snelheid en kwantiteit de maatstaven voor succes zijn, dreigt die kwaliteit sluitpost te worden.

Kwaliteit moet drijfveer zijn
Juist professionele opdrachtgevers moeten samen met gemeenten er voor zorgen dat belevingskwaliteit niet het kind van de rekening wordt. We moeten er ons voor blijven inzetten dat die kwaliteit een intrinsieke drijfveer van iedere professional is en transparant en beoordeelbaar wordt. Gerealiseerde kwaliteit moet beloond worden.

Ontwikkelaars, beleggers, corporaties en bouwers worden door ons maatschappelijk systeem in staat gesteld om werkelijk vorm te geven en te bouwen aan onze steden van de toekomst. Partijen die dat het beste doen moeten een voorkeurspositie krijgen bij nieuwe ontwikkelingen.

In mijn beleving kan en móet de professional - zeker de projectontwikkelaar - heel wat meer zijn dan de facilitator van de wensen van de bewoner. Zij (of hij) kan daadwerkelijk waarde toevoegen, voor de individuele bewoner nu en in de verre toekomst, en voor alle gebruikers van het stedelijk weefsel waar de individuele woning onderdeel van uitmaakt.

Lees hier de column van Adri Duivesteijn: Biedt nieuw regeerakkoord ruimte voor de woonproducent?

Tags