Skip Navigation LinksNieuws

https://intern.neprom.nl/Nieuwsafbeeldingen/flexwoningen.jpg, https://intern.neprom.nl/Nieuwsafbeeldingen/flexwoningen.jpg
Nieuws
13 juli 2022
Zorgen om regulering middenhuur. Pak excessen aan, niet de nieuwbouw!
Regulering van de middenhuur is een middel om excessen op de bestaande woningmarkt aan te pakken. Ontzie dan de nieuwbouw van de negatieve effecten hiervan.

De reacties die binnenstromen op het programma Betaalbaar wonen zijn duidelijk en eenduidig. Er heerst grote onzekerheid onder projectontwikkelaars over de uitwerking van dit programma. Wat vast staat is dat het simpelweg doortrekken van het Woningwaarderingsstelsel (WWS) naar de middenhuur een groot effect zal hebben op de haalbaarheid van projecten.

Beleggers en ontwikkelaars nemen nu al gas terug en wachten de definitieve uitwerking van de plannen af om verder te gaan met planvorming voor nieuwe projecten. De signalen uit het veld zijn duidelijk. Er wordt gekeken naar mogelijkheden om woningen zodanig te ontwikkelen dat ze buiten de regulering vallen. Hierbij wordt ook erkend dat dit niet altijd de kwaliteit van de verschillende woningentypen ten goede komt. Maar wat verwacht je als een zwaar verouderd stelsel wordt doorgetrokken naar een segment waar het nooit voor bestemd was? Maatregelen van bedenkelijke kwaliteit zullen immers producten van bedenkelijke kwaliteit tot gevolg hebben.

Projectontwikkelaars doen al jaren zaken in gemeenten die vrij strenge eisen stellen aan de woningbouw en de verdeling van de verschillende typen en categorieën woningen. Hoge percentages sociale woningbouw aangevuld met net zo hoge percentages middenhuur zijn niet ongebruikelijk. En toch is het zo dat in al deze gemeenten projecten worden ontwikkeld en wordt voldaan aan alle gestelde eisen. Dit kan alleen als er tenminste wat ruimte overblijft om  ook voldoende vrije sector huur en koop te ontwikkelen. In geval van vrije sector huur gaat het vaak om appartementen,  marktconform (en niet excessief) geprijsd zijn en waar aantoonbaar behoefte aan is. Zonder deze mogelijkheid zullen veel grootschalige appartementencomplexen omvallen in gebieden waar ze broodnodig zijn.

Een andere grote zorg bij deze nieuwe regulering is de mogelijkheid die het creëert om bij veranderende politieke inzichten nogmaals te draaien aan de knop van het puntenstelsel. Er is immers een precedent geschapen. Dit zou tornen aan de betrouwbaarheid van de overheid als partner bij grootschalige gebiedsontwikkelingen. Zonder een betrouwbare overheid is het niet ondenkbaar dat investeerders hun geld liever elders investeren. Als de afwachtende houding van deze investeerders die nu wordt aangenomen in aanloop naar de regulering een voorteken is, zijn onze zorgen meer dan gegrond.

Het jammere van dit alles is dat we het voor een groot deel eens zijn met de minister. Er zijn excessen op de woningmarkt. Er zijn malafide verhuurders actief die woekerprijzen vragen voor woningen en deze groep moet hard worden aangepakt. Tegelijkertijd valt ook te constateren dat projectontwikkelaars en de beleggers waar zij hun woningen aan verkopen niets met deze beunhazen te maken hebben. Het is dan ook volstrekt onterecht dat de projectontwikkelingsbranche onevenredig hard wordt geraakt door deze regulering. 

De NEPROM is al enige tijd bezig met haar leden om cijfermatig duidelijk te maken aan het ministerie van BZK en de Tweede Kamer wat de effecten van het doortrekken van het WWS zullen zijn op onze branche. In de tussentijd zullen we ook een stevige brief sturen naar de minister en hem wijzen op de risico’s van vertraging van de woningproductie als deze maatregelen zoals onveranderd worden ingevoerd. We delen het uitgangspunt om 100.000 woningen per jaar te realiseren en 900.000 in 2030. Maar met deze maatregelen zullen deze cijfers mislukte beleidswensen blijken.