Nieuws
2 september 2019
Gijzeling woningbouw door probleem met stikstof is onnodige paniekreactie
Naar aanleiding van de stikstofuitspraak van de Raad van State schreven Desirée Uitzetter (Voorzitter NEPROM) en Jan Fokkema (Directeur NEPROM) een opinieartikel in het FD.

​Dit opinieartikel van Desirée Uitzetter (Voorzitter NEPROM) en Jan Fokkema (Directeur NEPROM) verscheen in het FD op 2 september 2019.

Vanwege de stikstofproblematiek worden er op dit moment geen vergunningen meer afgegeven voor woningbouw. Dat is uiterst problematisch, omdat er al een jaarlijks oplopend tekort aan woningen is, waardoor die voor velen onbetaalbaar zijn geworden. Het kabinet moet op korte termijn met een noodoplossing komen om woningbouw weer mogelijk te maken. Dat is verantwoord, omdat nieuwe woningen nagenoeg géén stikstof uitstoten.

Overal in Nederland, dus ook in de ruim 160 Natura2000-gebieden, slaat stikstof neer. Daardoor groeien allerlei niet-zeldzame plantensoorten zoals gras als kool, die bedreigde, zeldzame soorten zoals heide om zeep helpen. Volgens een PBL-rapport uit 2010 bedraagt de gemiddelde stikstofdepositie in heel Nederland ruim 1600 mol per hectare per jaar. Dat komt overeen met ongeveer 20 kg stikstof, oftewel ruim 100 kg kunstmest - ook in die gevoelige Natura2000 gebieden. Een probleem, dat dringend een oplossing behoeft.

Als we even de import van stikstof via de lucht buiten beschouwing laten (Nederland is een netto exporteur), dan is zo’n 70% van alle stikstof afkomstig uit de landbouw en vooral uit de intensieve veehouderij (ammoniak in dampvorm uit de mest). Wegverkeer is de tweede grote bron, met een bijdrage van ongeveer 10%, zo blijkt uit het door de Rijksoverheid gepubliceerde Programma aanpak Stikstof 2015-2012.

Een gemiddeld woningbouwproject van honderd woningen op enige honderden meters afstand van het dichtstbijzijnde Natura2000 gebied leidt daar, volgens berekeningen van verschillende adviesbureaus in opdracht van NEPROM-lidbedrijven voor specifieke bouwlocaties, tot een stikstofdepositie van minder dan 0,05 mol/ha/jaar. Oftewel minder dan 1 gram stikstof per hectare per jaar; minder dan de inhoud van een zakje Pokon voor bij de kamerplanten. Het effect daarvan is niet te meten en kan als verwaarloosbaar worden beschouwd, maakt NEPROM op uit het RIVM-rapport Gevoeligheid van de gesommeerde depositiebijdrage onder 0,05 mol/ha/jaar voor fluctuaties in de ruimtelijke verdeling van de veroorzakende emissiebronnen (1 februari 2019).

Volgens de eerder genoemde berekeningen van adviesbureaus is die stikstofuitstoot overigens niet afkomstig van de huizen zelf. Sinds die niet meer met aardgas verwarmd worden, is de uitstoot ter plekke daarvan nul. De uitstoot is afkomstig van de auto’s van bewoners en bezoekers die van en naar de nieuwe woningen gaan in de gebruiksfase. En tijdens de bouw stoten de bouwmachines ook stikstof uit, maar dat is tijdelijk en niet veel meer dan het verkeer in de gebruiksfase.

Buitenland
NEPROM concludeert uit de verschillende onderzoeken eveneens dat ook wanneer we in de komende 10 tot 15 jaar 1 miljoen nieuwe woningen in Nederland bouwen, dat slechts tot een gemiddelde verhoging van ongeveer 10 gram stikstof per hectare per jaar in alle Natura2000 gebieden zal leiden, maar vermoedelijk minder. Kortom, de totale nieuwbouwproductie voor de komende jaren zal - in het licht van de beschikbare onderzoeken - geen meetbaar effect in de Natura2000 gebieden hebben. Er zal geen zeggekorfslak meer of minder leven door het wel of niet bouwen van die 1 miljoen nieuwe woningen, toe te schrijven aan de stikstofdepositie.

De stikstofproblematiek is dus geen gegronde reden om de vergunningverlening voor woningbouw bij gemeenten en provincies stil te leggen. Dat is echt een onnodige paniekreactie, als gevolg van de uitspraak van de Raad van State. In het buitenland wordt hier dan ook heel anders mee omgegaan. In Duitsland geldt bijvoorbeeld een drempelwaarde van 70 mol/ha/jaar (ongeveer 100 gram) stikstof per hectare per jaar voor vergunningverlening.

De recent in het leven geroepen commissie Remkes, die over oplossing van de stikstofproblematiek gaat adviseren, zou op korte termijn met een noodmaatregel voor de bouw van nieuwe woningen moeten komen. Bijvoorbeeld in de vorm van een vrijstellingsgrens van 0,05 mol/ha/jaar, waarbij gemotiveerd onderbouwd wordt dat dergelijke kleine bijdragen niet relevant zijn voor vergunningverlening van woningbouwplannen, omdat ze geen significante schadelijke invloeden hebben.

Daarnaast zou de vuistregel kunnen worden opgenomen op dat bij plannen van minder dan duizend woningen en een afstand van minimaal vijfhonderd meter van het dichtstbijzijnde Natura2000-gebied een stikstofberekening helemaal achterwege kan blijven. Dat bespaart heel veel onderzoekskosten en onnodige vertraging.